Buiten Wiet Kweken

ency-53-5-tree-plant-leaf-flower-green-botany-1237765-pxhere-com

Buiten wiet kweken - een eenvoudige handleiding

Veel mensen zijn het zat om afhankelijk te zijn van dure coffeeshop wiet, die vaak ook nog slecht van kwaliteit is. Om je eigen voorraad te kweken heb je niet per se groene vingers nodig; met de juiste voorbereiding, wat geduld en enthousiasme is het voor vrijwel iedereen mogelijk. Wel zul je, in tegenstelling tot de binnenkweek, grotendeels afhankelijk blijven van het weer, wat er voor kan zorgen dat de kwaliteit en opbrengst van je buitenwiet per jaar verschilt.

In Nederland is het gedoogd om per huishouden 5 wietplanten te kweken, om te voorzien in eigen gebruik. Dat betekent echter niet dat je het recht hebt om 5 planten te mogen bezitten. Zo kan de politie bijvoorbeeld door klachten van buren besluiten om de planten in beslag te nemen. Er zal dan in de meeste gevallen echter geen vervolging plaatsvinden. De wetgeving hieromtrent is vrij onduidelijk, er zijn gevallen bekend waar mensen met slechts 4 buitenplanten, zonder professionele installatie dus, toch een geldboete hebben gekregen. De rechter voerde in deze gevallen het argument dat een grote plant meer dan 30 gram wiet (de gedoogde hoeveelheid die men mag bezitten) zou opleveren.

Krijg nu 20% korting in onze seedshop


Voorbereiding

Afhankelijk van de beschikbare ruimte (grootte van de tuin, balkon) is het verstandig om eerst te besluiten of je in potten of vollegrond gaat kweken.

Veruit de eenvoudigste manier om buitenwiet te kweken is in vollegrond. Zorg voor een plek met zoveel mogelijk zonuren per dag, minimaal 5 uur volle zon, het liefst nog meer.

Kweken in vollegrond

Het kweken in vollegrond brengt zowel een aantal voor- als nadelen met zich mee.

Voordelen van kweken in vollegrond ten opzichte van potten:

  • men hoeft de planten niet handmatig te bewateren
  • de planten kunnen door vrijwel onbeperkte wortelruimte enorm groot worden, en dus meer opbrengst geven

Er zijn echter ook nadelen:

  • de plant is niet verplaatsbaar, wat nadelig kan zijn bij slechte weersomstandigheden. Ook bij ziekte of problemen met het medium zijn problemen moeilijker te verhelpen
  • bij planten in vollegrond vangt de bloei meestal iets later aan

Kweken in potten

Niet iedereen kweekt graag in vollegrond, of heeft de mogelijkheid daartoe. De voor- en nadelen van het kweken in potten op een rijtje.

Voordelen:

  • Potten zijn verplaatsbaar, bij slecht weer of klachten van buren kan de plant op een veilige plek worden gezet.
  • Planten in pot bloeien meestal iets vroeger en zijn dus ook eerder oogstrijp.
  • Bij problemen met het medium kan de plant eenvoudiger overgepot worden in nieuwe aarde

Nadelen:

  • de planten zullen, afhankelijk van de potgrootte, kleiner blijven.
  • planten in potten vragen meer onderhoud en tijd, er moet immers handmatig bewaterd worden. Dit kan problemen geven tijdens vakanties en zeer warme dagen.

Wat erg belangrijk is, ongeacht je keuze voor potten of vollegrond, is het medium waar de planten in komen te staan. Cannabis houdt van een luchtige, iets zure grond (pH 6-7) en verbruikt vooral in de bloei veel stikstof en fosfor. Er zijn speciale grondmengsels verkrijgbaar bij growshops, als je in potten gaat kweken is aan te raden hier gebruik van te maken. Tuinaarde of goedkope potgrond is vaak te zuur en niet luchtig genoeg. Bij het kweken in vollegrond kan het nuttig zijn om de grond op te waarderen met organische mestkorrels zoals bloed en beendermeel. Nog beter is het gebruik van kippenmest(korrels), dit bevat ook de nodige kalk. Wees echter niet te royaal met het gebruik van mestkorrels, deze bevatten meststoffen welke door het bodemleven vrijgemaakt worden, een overdaad hiervan kan het bodemleven verstoren en zorgen voor verbranding van de plant.

Bij het kweken in potten volstaat een goede grondmix, en is het nuttig om gedurende de kweek bij te voeden met vloeibare cannabis voeding. Ook hier wordt aangeraden om spaarzaam te zijn met voeding, vaak volstaat de helft van de door de producent aanbevolen hoeveelheid voeding.

cannabis plant buiten


Wietzaden: zo kies je de juiste soort

Als je besloten hebt om in potten of vollegrond te gaan kweken, en een geschikte locatie hebt uitgekozen, kun je verder gaan met het kiezen van een geschikte soort. Er zijn honderden, zo niet duizenden soorten te verkrijgen, en als we de zaadveredelaars mogen geloven zijn ze allemaal even goed! Echter zijn maar weinig soorten echt geschikt voor ons klimaat. Het is aan te raden om voor een specifieke buitensoort te kiezen, die bloeien meestal vroeger en korter dan soorten die voor de binnenkweek zijn ontwikkeld, en zijn beter bestand tegen slechte weersomstandigheden. Ook al is het onkruid, het blijft een uitheemse plant die eigenlijk niet in ons klimaat thuishoort.

Bekijk onze top 5 beste buitenkweek soorten, geselecteerd door kweekexperts. 

Top 10 buitenkweek soorten


Let bij het kiezen van een soort dus vooral op de aangegeven tijd van afbloeien (wanneer kan de plant geoogst worden). Hoe later in het seizoen de plant klaar is, des te korter de dagen zijn, en door de verhoogde kans op regenachtige en dus vochtige omstandigheden is de kans op toprot en schimmels gedurende de bloeifase groter. Om deze reden zijn planten met veel sativa invloeden (afstammend uit tropische gebieden), of haze kruisingen, niet altijd even geschikt voor de buitenteelt. Deze soorten bloeien tot wel 14 weken (waar 8 gemiddeld is) en zijn dus vaak pas ver in het najaar uitgebloeid.

Met het zadenfilter kun je snel de meest geschikte zaden vinden.

Kies de wietzaden die bij je passen


Ontkiemen en groeien

Nu je over je uitgekozen zaden beschikt, kun je deze gaan ontkiemen. Timing is hierbij echter wel belangrijk! Normaal gesproken begint men pas na ijsheiligen met het inzaaien. IJsheiligen valt tussen 11 en 15 mei, en is gekozen omdat de kans op nachtvorst na deze periode zeer klein is. Natuurlijk is het mogelijk om al in april te beginnen, dit kan buiten, maar ook binnen kun je eerder van start gaan door onder kunstlicht (bijvoorbeeld TL) voor te groeien. Bedenk wel dat je plantjes minimaal 18 uur licht behoren te krijgen, omdat ze anders direct kunnen gaan bloeien. Hou er ook rekening mee, dat als je erg vroeg in het seizoen al begint met zaden ontkiemen, je planten dan ook erg groot kunnen worden. Vooral in volle grond kan cannabis uitgroeien tot een monster van een plant, ze kan dan tot wel 3,5 meter hoog worden! Wees daarom niet snel bang dat je te laat bent met inzaaien, ook als je in juni of juli gaat inzaaien zal je versteld staan van de groeikracht.

Azarius raadt aan om een Spongepot te gebruiken voor het veilig ontkiemen van je zaadjes.

Voor het ontkiemen zelf bestaan diverse methodes. Om te ontkiemen heeft een zaadje vocht en warmte nodig. Een temperatuur tussen de 24-28ºc is ideaal. De meest eenvoudige manier is het direct in zaai en stekgrond ontkiemen. Hiervoor vul je een klein potje met zaai en stekgrond (verkrijgbaar bij tuincentra) en bevochtig de aarde licht. (Bijvoorbeeld met een plantenspuit). Plaats het zaadje nu ongeveer 0,5 cm onder de aarde. Dek het potje af met huishoudfolie of doorschijnend plastic, en zorg voor een plek met voldoende warmte. Afhankelijk van de temperatuur en het gebruikte zaad zal het zaad binnen 3-7 dagen ontkiemen. Zodra je ziet dat het zaad is ontkiemd en de kiemblaadjes boven de grond uitkomen, kun je het plastic verwijderen. Het plantje heeft nu veel licht nodig, om het zogenaamde ‘strekken’ te voorkomen. Een gedrongen zaailing met internodes dicht op elkaar zorgt voor een stevigere plant.

Spongepot

Na 2 a 3 weken kun je het plantje gaan overpotten in een grotere pot met verse aarde, gebruik dit keer de eerder besproken (licht bemeste) aarde. Zorg dat je op tijd bent met overpotten, en probeer dit niet te vaak te doen. Direct een grote pot gebruiken heeft dan ook meer voordelen, de wortels hebben direct alle ruimte en kunnen optimaal gebruik maken van de in de aarde aanwezige voedingsstoffen. Als je een goede aardemix gebruikt zul je dan ook in het begin niet hoeven bij te voeden.
Geef de eerste tijd ook vooral niet te veel water, dit is een veel gemaakte beginnersfout! Cannabis houdt niet van natte voeten, dit zal de groei ernstig belemmeren en kan zelfs voor wortelrot zorgen. Geef om de 2 a 3 dagen een kleine hoeveelheid water, sla de watergift over als de bovenlaag van de aarde nog erg vochtig is. Naarmate de plant groter wordt zal zij meer water verbruiken, door de pot af en toe op te tillen kun je merken wanneer je water dient te geven.


Geslachtsbepaling

Cannabis is een tweehuizige plant. Dat betekent dat een plant mannelijke of vrouwelijke bloemen kan produceren. Wanneer een plant kenmerken vertoont van beide geslachten, noemen we dit een hermafrodiet. Mannelijke planten zorgen voor bestuiving van vrouwelijke planten, een bestoven vrouwelijke plant zal in dat geval dus zaad gaan produceren. Ervan uitgaande dat je dat niet wil, zullen alle mannelijke planten op tijd verwijderd moeten worden. We houden dan enkel de vrouwtjes over, welke het meeste THC produceren in de bloemen.

Cannabis plant gender

Een mannelijke plant is te herkennen aan de kleine bolletjes waarin het stuifmeel wordt geproduceerd. Zodra deze openspringen komt stuifmeel vrij. Vrouwelijke planten herken je aan de meeldraden, dit zijn een soort witte haartjes. De geslachtskenmerken zijn als eerste zichtbaar in de oksel van de plant. Dit is het gedeelte van de plant tussen de stam en een bladstengel.


De bloei en bedreigingen

Afhankelijk van de soort zal je plant tussen juli en eind augustus gaan bloeien. Planten in vollegrond beginnen meestal iets later met bloeien dan planten in pot. Vooral bij laatstgenoemde is het verstandig om in de bloei speciale bloeivoeding mee te geven. Blijf ten alle tijden goed kijken naar de bladkleur van de plant, deze geeft aan of de plant gezond is of niet.

Geel blad kan verschillende oorzaken hebben. Zo kan het medium verzuren, waardoor de plant bepaalde voedingsstoffen niet meer kan opnemen. Een te lage pH waarde kan er eveneens voor zorgen dat de calciumbuffer uitgeput raakt, in dit geval ontstaan er ook bruine plekken op het blad.

Ook bij overbewatering kleurt het blad geel, de wortels krijgen dan geen zuurstof meer en ‘verstikken’. Dit kan wortelrot als gevolg hebben. Bij een tekort aan voedingsstoffen zullen de oudere bladeren als eerste van binnenuit geel kleuren. Bij een overschot aan voeding zal de plant vergeelde (verbrande) bladpunten krijgen, waarna meer blad afsterft.

Een van de grootste bedreidingen voor buitenplanten is het ontstaan van schimmel of rot in de toppen. Vanaf de derde a vierde week bloei wordt de kans op zogenaamde toprot steeds groter, de toppen worden immers dikker en er kan minder luchtcirculatie plaatsvinden tussen de stengels en bloemtros. Vooral bij warm, vochtig of regenachtig weer met weinig wind kan de schimmel (botrytis cinerea) zich snel verspreiden. Als de planten op een plek staan met veel wind kan dit in het voordeel werken. Stormachtig weer kan echter ook weer voor afgewaaide takken en zelfs volledig omgewaaide en planten zorgen. Controleer de toppen van je planten in de bloeifase regelmatig, en verwijder schimmel volledig wanneer deze wordt waargenomen.

Toprot

Naast toprot kunnen ook slakken en andere natuurlijke plagen voor de nodige problemen zorgen. Met name slakken kunnen in korte tijd flink huishouden en veel blad wegvreten. Daarnaast zorgen hun slijmsporen en uitwerpselen voor een verhoogde kans op schimmels. Het kan nuttig zijn om (biologische) slakkenkorrels te strooien. Een andere, goedkope, oplossing is om de slakken te bestrijden met bier. Een aantal glazen gevuld met bier ingegraven werkt als een zeer effectieve val. Het gist in het bier lokt de slakken, als deze eenmaal in de ‘val’ beland zijn zullen ze hier ook niet meer uit kunnen ontsnappen.

Over het algemeen vormen luizen en andere insecten zoals trips en spint geen al te grote bedreiging voor buitenplanten, meestal zijn er voldoende natuurlijke vijanden aanwezig om te zorgen voor een evenwicht. Mocht je toch veel vraatschade aantreffen als gevolg van insecten dan kun je het beste een aantal keer met een biologisch middel spuiten. Doe dit bij voorkeur ’s ochtends vroeg of ’s avonds vlak voordat het donker is. Spuit niet meer als je planten langer dan 3 a 4 weken bloeien.


Oogsten, drogen en curen

Na ongeveer 7 tot 9 weken bloeien zijn de meeste buitensoorten klaar om geoogst te worden. Een goede manier voor het beoordelen van de oogstrijpheid, is door te kijken naar de kleine glinsterende bolletjes (trichomen) in de toppen. Zodra deze amber kleuren nadert voor de plant het einde van de bloei. Hoe meer amber, hoe stoneder de uitwerking van de wiet zal zijn. Vroeg oogsten zorgt dus in de regel voor wiet met een meer high effect. Met het blote oog is de kleur vaak moeilijk te onderscheiden, met een loep zal het een stuk duidelijker zijn.

Veel kwekers oogsten aan de hand van de kleur van de meeldraden. Vaak wordt geoogst zodra veel (80%) van de ‘haartjes’ bruin zijn. Echter kunnen deze draden ook bruin kleuren door vocht, hou hier rekening mee.

Als de wiet rijp is kan ervoor gekozen worden om eerst te knippen, en de toppen dan te laten drogen, maar het is ook mogelijk om de plant met blad te laten drogen, en deze later te knippen. Sommigen beweren dat wiet die met blad gedroogd is beter is van smaak. Ook als je niet genoeg tijd hebt om alles in een keer te knippen kan dit een handige oplossing zijn. Verwijder bij het knippen al het grote blad bij de steel, en knip de puntjes van de kleine blaadjes af tot tegen de ‘bloem’.

Ook het drogen is een onderdeel waarbij zorgvuldigheid is geboden, aangezien de kwaliteit van je wiet kan vallen of staan met de manier waarop deze is gedroogd.

Als je ervoor kiest om de toppen aan de tak te laten zitten kun je de takken in hun geheel ophangen aan bijvoorbeeld een waslijn. Als je de toppen losknipt kunnen ze bijvoorbeeld op een rek van horrengaas te drogen gelegd worden, of kies voor een kant en klaar droogrek zoals deze in growshops te vinden zijn.

Cannabis Bud

Het drogen dient te gebeuren in een droge ruimte met geringe luchtvochtigheid. De temperatuur mag niet te hoog zijn, maar ook niet te laag. Tussen de 17 en 21 graden celcius is ideaal. Warmte en licht zorgen voor omzetting van THC in onder andere CBD en CBN, welke bepalend zijn voor de uitwerking van de wiet. Het drogen neemt ongeveer twee weken in beslag. Wanneer je de wat dikkere takjes kunt breken is de wiet droog genoeg.

Om je zelf gekweekte voorraad zo lang mogelijk goed te houden, is aan te raden om het in luchtdichte potten of bakken te bewaren. Weckpotten zijn hier uitermate geschikt voor.Bewaar deze een donkere, koele plek. Door de wiet een aantal weken in deze potten te houden en af en toe voor korte tijd te openen zal er een ‘cure’ plaatsvinden, waardoor het chlorofyl (bladgroen) wordt afgebroken, resulterend in een goudbruine kleur en een milde, haast zoete smaak.


Benodigdheden


Met korting inkopen tijdens het kweekseizoen 

 


Krijg nu 20% korting in onze seedshop